Ja, ik blijf graag op de hoogte!

  • Black Facebook Icon
  • Black Twitter Icon
  • Black LinkedIn Icon

Privacyverklaring

© 2003-2019 Dudra OV alle rechten gereserveerd

© Fotografie achtergrondstroken door Jacques Rutgers 

Het scheppingsverhaal van Eth, een waargebeurd sprookje

Er was eens een Schildpad, ze was de dochter van de koning en de koningin van de stam van de reuzenschildpadden. Deze koning en koningin waren erg wijs en leerden hun volk over de constante cyclus van geboorte en wedergeboorte. De grootvader van Schildpad was daarmee begonnen en hij was een van de wijste koningen ooit geweest.

De naam van de prinses was Eth en ze was erg onder de indruk van de lessen van haar voorouders en deed erg haar best om deze kennis tot zich te nemen.

Maar zoals de meeste kinderen wilde Eth haar eigen weg gaan en zich op haar eigen manier ontwikkelen, ze wilde weten wat er nog meer te ontdekken was, want haar grootvader had haar geleerd dat wijsheid onuitputtelijk is.

De kracht van de stam van de Schildpadden is schepping. Schildpad is verbonden met Moeder Aarde en iedereen weet dat Moeder Aarde het leven schept. Eth wist dat ze zichzelf kon scheppen en herscheppen. Ze wist hoe ze haar eigen werkelijkheid moest creëren. Dus transformeerde ze een deel van zichzelf in Rodu, de Arend. Ze wist dat een Schildpad te traag is om de wereld te ontdekken en te weinig overzicht heeft om goede keuzes te maken. Arend heeft deze kwaliteiten wel en daarnaast een sterke, mannelijke daadkracht. Precies wat ze nodig had. Dus ging ze samen met Rodu op pad om te leren.

 

Maar leren doe je met vallen en opstaan. Rodu had andere prinsen en prinsessen gevraagd om met hem de wereld in te gaan en ze ontdekten zoveel nieuwe dingen en zoveel nieuwe manieren om hun toekomstige volkeren nog meer te kunnen leren. Het leek teveel om te bevatten en een van de prinsen besloot alles even te laten bezinken en in winterslaap te gaan. De andere prinsen en prinsessen gingen ieder op hun eigen manier met de nieuwe kennis om. De ene wilde er iets anders van maken, de volgende wilde net doen alsof hij het allemaal zelf had verzonnen en weer een ander vond het te moeilijk en haakte af. De prinsen en prinsessen hadden ruzie gekregen en daarna was Eth in haar wanhoop per ongeluk van een heuvel afgerold en op haar rug terecht gekomen. Rodu kreeg haar niet overeind met zijn snavel. Ze dachten dat Eth dood zou gaan…

 

Prins Mili, de Grote Beer, was net wakker geworden uit zijn winterslaap en liep te wandelen door het bos op zoek naar zoete honing toen hij een kermend geluid uit de struiken onder hem hoorde. Hij keek over de rand van de heuvel naar beneden en zag Eth op haar rug liggen spartelen en Rodu er jammerend naast zitten. “Hé Eth,” riep hij, “wat doe jij daar nou!” “Laat me maar Mili,” zei Eth, “Ik kan niet meer, ik ga dood!” “Ben jij nou helemaal besodemieterd!” gromde Mili, “je gaat helemaal niet dood.” En hij duwde net zolang tegen Eth aan tot zij weer op haar vier poten stond.” “Dank je wel, Mili,” zei Eth, “maar ik had net zo goed dood kunnen gaan, want ik ben helemaal alleen overgebleven en ik heb zoveel moois ontdekt, maar ik kan het nooit helemaal alleen aan iedereen overbrengen. En Rodu kan dat ook niet. Het is allemaal verloren!”

“Onzin,” zei Mili, “Hou op met dat gejammer en ga door! Wat jij gevonden hebt, is zo groot en zo belangrijk, dat mag niet verloren gaan, ook al moet je het helemaal alleen doen. Deze wijsheid is de zoetste honing en een koningin waardig. Niemand heeft het recht om honing te verspillen. Ga wat doen, want je houdt me af van de honing waar ik zelf naar op weg was. Als je me nodig hebt, dan roep je maar.”

 

Prinses Eth dacht na. Ze wist dat Mili gelijk had en ze wist ook dat ze later koningin moest worden want dat had ze gedroomd. Ze wilde niet dat deze kennis verloren zou gaan.

Ze greep terug op wat ze wist over de kracht van de Schildpadden stam: Schepping. Het heeft tijd nodig om iets te scheppen en dus is een van de andere grote krachten van Schildpad geduld. “Rodu,” zei ze, “de enige oplossing is als je de kennis die we hebben gevonden gaat overdragen op andere mensen. Daarvoor moet jij niet alleen Arend zijn maar ook Wolf. De kracht van Wolf is die van een leraar en een pionier. Hij kan de wijsheid overdragen en anderen in staat stellen de leraar in zichzelf te ontdekken en hun eigen lessen te leren. Hij kan ook huilen en daardoor anderen aanroepen om mee te doen.” Eth leerde Rodu hoe hij zowel Arend als Wolf kon zij en Rodu zweefde over de wereld en zocht naar dieren die de nieuwe wijsheid wilden leren. Dan werd hij leraar Wolf en droeg de kennis over. Hij moest het helemaal alleen doen en sprak met heel veel verschillende dieren. Er waren dieren bij die geïnspireerd werden en Wolf Rodu legde de lessen uit aan deze dieren. Het was het enige waar hij aan kon denken en mee bezig kon zijn, maar omdat hij het helemaal alleen moest doen was van de ene op de andere dag zijn energie op.

 

Hij keerde terug naar Schildpad. “Eth,” zei hij, “Ik kan het niet alleen!” “Ik weet het,” zei Eth. “We vinden wel een oplossing. Heb geduld, je moet eerst rusten.” En Rodu rustte en herstelde. Mili kwam af en toe langs om hem te herinneren aan de zoetheid van de honing en hem aan te sporen om door te gaan wanneer hij was uitgerust. Eth en Rodu wisten dat ze dat wilden, maar ze begrepen ook dat Rodu niet in zijn eentje alle nieuwe wijsheid kon overdragen. Hij had andere dieren nodig die de wijsheid zouden kunnen helpen verspreiden, maar dat moesten wel al dieren zijn die al heel veel hadden geleerd, anders duurde het te lang en zou Rodu zijn energie weer verliezen en misschien nooit meer verder gaan. “Vlieg en ren!” beval Eth aan Rodu, “En zoek de wijzen in de lucht en op het land die jou kunnen helpen.”

 

Rodu vloog als Arend en rende als Wolf en vond andere dieren. Hij vond Pavae, het Hert. Pavae was wijs van nature en zijn grootste kwaliteit was liefde. Onvoorwaardelijke liefde. Daardoor was hij niet bang voor Wolf, want hij wist dat hij het hart van Wolf kon verzachten als hij hem zou helpen zijn kennis over te dragen. De zachtheid van Hert was zijn kracht en zijn oneindige hoeveelheid begrip voor alles wat leeft. Pavae kwam daardoor zelf af en toe in de problemen omdat hij zichzelf nog weleens vergat.

Rodu was heel erg blij dat er weer iemand was die met hem samen wilde werken en te helpen de wijsheid van Eth verder te verspreiden.

 

Al zwevend vond Rodu ook Hager, het Paard. Niet zomaar een paard, nee, een Arabische volbloed die zo hard kon rennen dat bijna niemand haar kon bijhouden. Hager was erg blij met de nieuwe kennis, maar ergerde zich aan Eth omdat zij zo traag was. Ze schraapte ongeduldig met haar hoeven over de grond en niets maakte haar blijer dan te mogen gaan, te mogen rennen. Ze leerde de nieuwe wijsheid snel en bood haar hulp en medewerking gul aan. Ze hielp ook zoeken naar nog meer dieren die de wijsheid zouden kunnen overdragen.

 

Rodu, Hager en Pavae vulden elkaar perfect aan: waar Hager aan details voorbij stoof, riep Rodu haar terug en wees haar op belangrijke punten. Hager vond het moeilijk om te stoppen. Ze wilde heel graag samenwerken, maar het liefst op haar tempo. Ze was teleurgesteld als anderen haar niet konden of wilden bijhouden. Pavae leerde haar hoe belangrijk rust was en hoe heerlijk het was om af en toe te grazen in de wei en je met een ander te verbinden. En Hager leerde aan Pavae dat je af en toe voor jezelf moet kiezen.

Wanneer Rodu over een bepaald gebied vloog en daar alles tot in detail zag, hoorde en voelde, vergat hij totaal de gebieden waar hij niet boven zweefde. Hager was daar allang naar toegestormd en herinnerde Rodu aan deze andere plaatsen.

Rodu was soms bang dat Pavae en Hager hem in de steek zouden laten, net zoals hij en Eth eerder in de steek waren gelaten door de andere prinsen en prinsessen. Maar Pavae en Hager bleven en gaandeweg begon Rodu daarop te vertrouwen.

 

Grote Beer Mili bleef belangrijk. Soms ging hij in winterslaap en dan hoorde of zag je hem maandenlang niet. Maar als hij in het voorjaar weer uit zijn hol kwam om op zoek te gaan naar lekkere honing, kwam hij af en toe voorbij. Hij was de grote beschermer geworden van de nieuwe kennis van Eth. Het mocht niet verloren gaan en daar waakte hij over. Hij checkte ook de nieuwe kennis, want Rodu en Hager werden soms zo enthousiast dat ze daarbij ook weer belangrijke zaken uit het oog konden verliezen. Waar Mili de kennis beschermde, beschermde Pavae de rust en de harmonie.

 

Rodu, Pavae en Hager waren nu met z’n drieën om de nieuwe wijsheid van Eth door te geven, maar het was nog steeds teveel werk. Er waren zoveel nieuwe dieren aan wie ze de nieuwe kennis wilden leren en er kwamen ook steeds meer dieren vanzelf naar hen toe. Er moesten anderen bijkomen om hen te helpen.

 

Het toeval wilde dat Hager geboren was bij het volk van de grootvader van Eth en daardoor ook veel mensen kende die zijn wijsheid hadden meegekregen. Ze sprak met een andere Arend die Yvpi heette en maakte haar enthousiast. Yvpi kon over een ander gebied vliegen dan Rodu en zo konden ze samen overzicht houden over een groter gebied en nog meer dieren leren over de wijsheid van Eth.

 

Eth ging terug naar grootvader Schildpad en vroeg hem om aan de Grote Geest van de voorvaderen te vragen of ze het goed had gedaan. Grootvader Schildpad ging in trance en sprak met hem. Toen hij terug kwam vertelde grootvader aan Eth: "Ik heb gesproken met Grote Geest zoals je me had gevraagd en Grote Geest zag dat het goed was."

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

Recente berichten
Please reload

Uitgelichte berichten
Search By Tags