Het Scheppingsverhaal van Eth, deel 12: Het Visioen
- Ronald Duchateau
- 22 dec 2025
- 6 minuten om te lezen

Na de verhalen van Koningin Eth in Mooi-Vallei en in Zilverkloof in het Land van Vuur en IJs, waren de dieren van de Stam in verwarring. Ze konden de woorden over harmonie, eenheid en het niet bestaan van tijd en ruimte niet rijmen met hetgeen ze ervaarden in hun dagelijks leven. Eth kon dan wel zeggen dat goed en kwaad niet bestonden, maar ze zagen zoveel dieren die leden, die gekwetst waren, mishandeld waren, verwaarloosd waren door anderen. En dan zou schuld niet bestaan? Dat kon gewoon niet. Of toch wel? Op sommige momenten was hun bewustzijn daar wel en konden ze glimpen opvangen van het grotere geheel, maar op dagelijks niveau leek het een sprookje, niet echt.
De wereld wás geen goede plek, er waren oorlogen tussen de stammen en ook vulkaanuitbarstingen en aardverschuivingen kostten levens van vele onschuldige dieren. En als dat dan allemaal niet erg was, wat was dan het doel van hun werk? Ze moesten andere dieren toch leren over de wijsheid van Eth, ze moesten anderen toch helpen om geen pijn meer te hebben, dat zou toch niet nodig zijn als er geen schuld en geen goed en kwaad zouden bestaan?
Koningin Eth zag haar volgelingen worstelen. Ze voelde dat ze hun motivatie verloren en steeds meer in de illusie van afgescheidenheid terechtkwamen. Ze wist dat deze fase nodig was voor de verdere ontwikkeling van hun bewustzijn, maar ze wist ook dat deze gevoelens ervoor konden zorgen dat de groep uit elkaar zou vallen. “Dat mag,” zei Eth tegen zichzelf, “maar dat zou jammer zijn.” En ze besloot om ze te gaan helpen.
“Kom,” zei Eth, “We gaan een uitstapje maken!” De stamleden leefden op en vroegen waar ze heen zouden gaan.
“We gaan naar de Piek van de Engelwortelvallei, dat is het hoogste punt in het Land van Vuur en IJs. Het is daar prachtig. Het is een heilige berg waar pelgrims komen om verbinding te zoeken met Grote Geest en tegelijkertijd versterkt de aardebinding en brengt je weer terug in je centrum, van waaruit je je grenzen kunt verleggen.”
Zodra de zon opkwam, vertrokken de dieren. Het was een lange wandeling en een vermoeiende klim naar de top. De dieren hielpen elkaar de rotsblokken over en kwamen uitgeput boven. Daar zagen ze de mooiste zonsondergang die ze ooit hadden gezien. Stil keken ze uit over bergen en dalen. In de diepte zagen ze Mooi-Vallei en de rivier van Zilverkloof die schitterde in het late licht. Het werd koud en dicht tegen elkaar aan gekropen, vielen ze in slaap.
De volgende ochtend werden ze wakker door de eerste zonnestralen. Ze stelden zich op in een kring en Eth vroeg: “Is er een vraag die jullie zouden willen stellen aan Grote Geest?”
Verschillende dieren begonnen met elkaar te overleggen en uiteindelijk nam Hager, het Paard, het woord: “We willen graag weten hoe we verder kunnen gaan met het verspreiden van de kennis van Eth, we weten niet meer precies wat we kunnen doen en ook niet meer wat het nut van alles is.”
Een zachte tornado stak op en wervelde over de Piek van de Engelwortelvallei en tussen de groep door die in trance raakte en als betoverd keek naar de beelden die verschenen in de tornado. Ze zagen de Holen van Reps en ze zagen een baby Schildpad. De dieren strekten hun voorpoten uit naar de baby, maar kregen hem niet te pakken. Een diepe stem sprak: “Ga naar de Holen van Reps, pas als daar de wijsheid van Eth erkend wordt, zal deze kennis wereldwijd door iedereen geroemd worden.”
De tornado verloor aan kracht en net toen de dieren dachten dat het afgelopen was, vloog er ineens een donkere wolk tussen de dieren door. Deze wolk was zwart als de nacht en had een woedend gezicht. Angstig deinsden de dieren achteruit. Er waren geen beelden en er was geen stem. Wat had dit te betekenen? Toen ook deze wolk weer verdwenen was, sprak de diepe stem: “Nu kan de baby komen!”
De betovering was verbroken. Verbaasd keken de dieren elkaar aan en vroegen zich af wat de betekenis was van alles wat ze hadden gezien en gehoord.
Eth hield haar mond, ze wist wat de boodschap betekende, maar het was belangrijk dat haar volgelingen nu hun eigen interpretatie konden geven. Welke kant zouden ze opgaan?
Rodu stond op: “Het kan toch niet zo zijn dat we ons laten leiden door een visioen? Het is altijd mijn doel geweest om deze kennis te delen in de Holen van Reps en de behandelwijze van zieke dieren ingrijpend te verbeteren, maar nu zegt die stem dat we ons alleen daarop moeten richten en niet meer op alle andere dieren. Kadra en ik zijn daar al jaren mee bezig, maar we blijven nog onder de radar. Eigenlijk weet Reps niets van wat we aan het doen zijn. Hij hoort alleen de enthousiaste verhalen van de dieren die genezen zijn, maar hoe ze genezen weet hij niet.”
“Dan moet je het aan Reps gaan vertellen,” riepen de dieren.
Maar Rodu durfde niet naar Reps te gaan om te vertellen wat hij aan het doen was. “Ik heb maar één kans,” zei hij tegen de anderen. “Als ik die verspeel dan is alles voorbij!”
“Wie is in godsnaam die baby?” vroeg Annbi, de Gier.
“De baby is de geboorte en de erkenning van de wijsheid van Eth binnen de Holen van Reps,” antwoordde Rodu.
“En wat was die zwarte wolk?” vroeg Hager.
Er kwam geen antwoord.
"Laten we gaan slapen," zei Anvli, de Zalm. "We zijn moe en morgen kunnen we er vast met meer helderheid naar kijken."
Rodu kon er niet van slapen. Er speelde zich een gevecht in hem af tussen denken en voelen en pas toen hij accepteerde wat hij had gezien, viel hij in een diepe slaap. De volgende dag vroeg hij: “Zijn jullie het ermee eens dat we gaan doen wat het visioen ons heeft laten zien?”
“Ja,” zeiden de dieren in koor. "Zo gaan we het doen!”
In de tijd daarna probeerden Rodu en de anderen om zich te focussen op de Holen van Reps, maar dat was moeilijker dan gedacht. Op wat kleine successen na kwam het niet van de grond en weer verloren de dieren hun motivatie en begonnen zich terug te trekken. Er was geen plezier meer en geen zin meer om zich in te zetten. Het lukte allemaal niet.
Hager zag alles intussen met lede ogen aan. Ze zag de onvrede binnen de groep. Ze zag Rodu in zijn eentje worstelen en ze raakte er steeds meer van overtuigd dat dit de zwarte wolk was die in het visioen naar voren was gekomen. Ze riep iedereen bij elkaar en zei: “Er is onvrede in de groep, het kan zijn dat we allemaal beperkende overtuigingen hebben die met elkaar in tegenspraak zijn, waardoor we het visioen niet kunnen manifesteren. Vinden jullie het een goed idee om daar met elkaar naar te kijken?"
De meeste dieren waren blij met Hagers initiatief en gingen ermee aan de slag. Zelfs Jajag, de grote Blauwe Reiger die ze al heel lang niet hadden gezien, nam op zijn manier deel. De dieren hadden het meeste moeite met het wachten. Ze wisten niet wat ze konden doen en kregen het gevoel dat ze niet mee mochten doen, niet belangrijk waren, er niet bij hoorden. Ze moesten alleen maar wachten. Wachten, wachten, wachten….
Ineens besefte Hager dat dit het werk was van een Schaduwspin die ervoor zorgde dat iedereen in de illusie van afgescheidenheid kwam. De verbinding was weg tussen de dieren. Samen met de groep, omgaven ze de Schaduwspin met liefde en lieten hem smelten. Toen hij verdwenen was, werden liefde en verbondenheid weer voelbaar in de groep. Er was een stap gemaakt.
Even leek er niet zoveel veranderd te zijn, het leven ging door, er waren dieren ziek en anderen waren druk met hun eigen dingen. Maar Rodu ging tijdens de winterzonnewende naar Reps en vertelde hem over de kennis van Eth die hij al jaren toepaste in de Holen. Rodu zei: “Het is tijd dat het hier geboren wordt, want ik houd het niet meer vol.” Reps luisterde aandachtig en zei: “Ik hoor je, en ik zie hoeveel je hebt gedaan en hoe lang je dit hebt volgehouden. Ik wil er alles over weten. Jouw levenswerk verdient een podium!”
En zo geschiedde. En Grote Geest zag dat het goed was.





















Opmerkingen